Sociale maximumprijzen voor gas en elektriciteit
De sociale maximumprijzen voor elektriciteit en aardgas zijn een federale bevoegdheid. Het Vlaams Gewest en de VREG zijn hiervoor niet bevoegd! Voor vragen over sociale maximumprijzen neemt u best contact op met: Contact Center van de FOD Economie Vooruitgangsstraat 50 1210 Brussel gratis telefoonnummer 080012033 gratis faxnummer 080012057 email:info.eco@economie.fgov.be http://mineco.fgov.be
Wat zijn de sociale maximumprijzen voor elektriciteit en aardgas? Sommige gezinnen en personen genieten van verlaagde elektriciteits- en aardgasprijzen. Dit zijn de zogenaamde sociale maximumprijzen. Ze werden vroeger "sociale tarieven" genoemd. Deze prijzen liggen een stuk lager dan de normale elektriciteits- en gasprijzen. De sociale maximumprijs is in principe de prijs die de goedkoopste leverancier van elektriciteit en/of aardgas in België aanbiedt in het gebied van de netbeheerder met de laagste nettarieven. Sinds 1 augustus 2007 wordt deze prijs door de federale energieregulator CREG vastgelegd, telkens voor de komende zes maanden.
Hoeveel soorten sociale maximumprijzen zijn er? Voor elektriciteit bestaat er: - Een sociale maximumprijs voor het enkelvoudig tarief (dagteller)
- Sociale maximumprijzen voor het tweevoudig tarief: enerzijds voor piekuren (dagteller), anderzijds voor daluren (nachtteller)
- Een sociale maximumprijs voor het exclusief nachttarief (uitsluitend-nachtteller)
Voor aardgas bestaat er één enkele sociale maximumprijs. Wie heeft recht op de sociale maximumprijzen? Sinds 1 juli 2009 worden de sociale maximumprijzen in principe automatisch toegepast als u er recht op hebt. Als u recht hebt op de sociale maximumprijzen, maar uw leverancier kent u deze toch niet automatisch toe, dan kunt u deze toch nog zelf aanvragen bij uw leverancier. Daarvoor moet u hem een attest bezorgen dat bewijst dat u behoort tot één van de volgende categorieën van personen die recht hebben op de sociale maximumprijzen: - Iedere eindafnemer die kan bewijzen dat hij/zij of elke andere persoon die onder hetzelfde dak leeft tot één van de volgende categorieën behoort:
- een leefloon, toegekend door het OCMW van zijn gemeente overeenkomstig de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
- het gewaarborgd inkomen voor bejaarden, overeenkomstig de wet van 1 april 1969 tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden en de inkomensgarantie voor ouderen overeenkomstig de wet van 22 maart 2001
- een tegemoetkoming aan gehandicapten ingevolge een blijvende arbeidsongeschiktheid van ten minste 65% overeenkomstig de wet van 27 juni 1969 betreffende de tegemoetkoming aan gehandicapten
- een inkomensvervangende tegemoetkoming aan gehandicapten, overeenkomstig de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkoming aan gehandicapten
- een integratietegemoetkoming aan gehandicapten behorende tot de categorieën II, III, IV of V overeenkomstig de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkoming aan gehandicapten
- een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden, overeenkomstig de artikelen 127 en volgende van de wet van 22 december 1989
- een tegemoetkoming voor hulp van derden, overeenkomstig de wet van 27 juni 1969
- een financiële steun verstrekt door een OCMW aan een persoon die is ingeschreven in het vreemdelingenregister met een machtiging tot verblijf voor onbeperkte tijd en die omwille van zijn nationaliteit niet kan beschouwd worden als een gerechtigde op maatschappelijke integratie
- Bij gelijkstelling met de categorieën 2,3,4,5,6 en 7, zoals vermeld in punt A, de personen die genieten van een tegemoetkoming toegekend door het OCMW in afwachting van het gewaarborgd inkomen voor bejaarden, een tegemoetkoming voor gehandicapten of een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden.
- De sociale maximumprijs van aardgas is van toepassing op huurders die een woongelegenheid betrekken in appartementsgebouwen waarvan de verwarming met aardgas plaats vindt door middel van een collectieve installatie, wanneer de woningen in huur zijn gegeven voor sociale doeleinden door een sociale huisvestingsmaatschappij.
Mensen met een handicap die jonger zijn dan 21 jaar kunnen momenteel niet genieten van de sociale maximumprijzen. De wetgeving die regelt wie recht heeft op de sociale maximumprijzen bepaalt namelijk dat mensen met een handicap minimum 21 jaar moet zijn om in aanmerking te komen voor de sociale maximumprijzen (en men dus ook pas vanaf de leeftijd van 21 jaar de attesten hiervoor kan verkrijgen).
Uitzonderingen Zelfs als u of een gezinslid onder een van de bovenstaande categorieën valt, heeft u geen recht op de sociale maximumprijzen indien de aansluiting betrekking heeft op: - een tweede verblijfplaats (bijvoorbeeld vakantiehuisje aan zee)
- de gemeenschappelijke delen van een appartementsgebouw (bijvoorbeeld de elektriciteit die verbruikt wordt om de lift te laten werken)
- uw verbruik als professionele elektriciteitsverbruiker (u bent een zelfstandige of heeft een bedrijf)
- een tijdelijke aansluiting (bijvoorbeeld een werfkast)
Sociale maximumprijzen en budgetmeter Ook wanneer u een budgetmeter heeft, kunt u genieten van de sociale maximumprijzen wanneer u behoort tot één van de categorieën van rechthebbenden op de sociale maximumprijs.
Automatische toekenning van de sociale maximumprijzen Tot 30 juni 2009 moest u de sociale maximumprijzen zelf aanvragen bij uw leverancier. Daarvoor moest u hem jaarlijks een attest bezorgen als bewijs dat u behoort tot één van de categorieën van personen die recht hebben op de sociale maximumprijzen. Sinds 1 juli 2009 worden de sociale maximumprijzen in principe automatisch toegekend aan wie er recht op heeft. De leverancier kan nu immers zelf navragen bij de federale overheidsdienst Economie welke van zijn klanten recht hebben op de sociale maximumprijs. Uw leverancier zal u verwittigen dat u automatisch geniet van het sociaal tarief.
Nuttige adressen waar u terecht kan voor attesten Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid Directie-generaal Personen met een handicap Administratief Centrum Kruidtuin Finance Tower Kruidtuinlaan 50, bus 50 1000 Brussel Tel: 02/5078799 email: handiN@minsoc.fed.be http://www.handicap.fgov.be
| | | Rijksdienst voor Pensioenen Centraal Bureau Zuidertoren - Baraplein - 1060 Brussel tel: 0800/50246 fax: 02/5293921 e-mail: contactcenter.nl@rvp.fgov.be
|
Moet iedere leverancier de sociale maximumprijzen toepassen? Ja, het maakt niet uit wie uw leverancier is. Sinds 1 juli 2009 worden de sociale maximumprijzen in principe automatisch toegekend. Als u recht heeft op de sociale maximumprijzen, maar uw leverancier kent u deze niet automatisch toe, dan kunt u bewijzen dat u er recht op heeft via een attest dat u opstuurt naar uw leverancier. De heffingen zijn geen onderdeel van de sociale maximumprijzen. Uw leverancier zal dit prijsonderdeel dus bovenop de sociale maximumprijzen factureren. Let wel, deze component kan licht verschillen per leverancier.
Welke wetgeving regelt de toekenning van de sociale maximumprijzen?
- Ministerieel besluit van 30 maart 2007 tot vaststelling van maximumprijzen voor de levering van aardgas aan de beschermde residentiële afnemers met een laag inkomen of in een kwetsbare positie (B.S. 19 juni 2007)
- Ministerieel besluit van 30 maart 2007 tot vaststelling van maximumprijzen voor de levering van elektriciteit aan de beschermde residentiële afnemers met een laag inkomen of in een kwetsbare positie (B.S. 6 juli 2007)
Meer informatie De sociale maximumprijzen voor elektriciteit en aardgas zijn een federale bevoegdheid. Het Vlaams Gewest en de VREG zijn hiervoor niet bevoegd. Voor meer informatie en voor vragen over de sociale maximumprijzen kunt u contact opnemen met: Contact Center van de FOD Economie Vooruitgangsstraat 50 1210 Brussel gratis telefoonnummer 0800/12033 gratis faxnummer 0800/12057 email: info.eco@economie.fgov.be http://mineco.fgov.be
|